06 22 33 66 34 /// 06 18 9999 18 info@harmhoek.nl

Voertuigbeheersing

Door op een oefening of een link te klikken krijg je meer informatie en een filmpje en een
tekening te zien. De bijzijndere verrichtingen die je dient te kennen voor het praktijk examen motor voertuigbeheersing zijn onderverdeelt in vier clusters( in totaal twaalf oefeningen)

Lopen met de motor en gebruikt van de standaard

Achteruit parkeren
Tijdens deze verplichte oefening loop je aan de zijkant van de motor naar het parkeervak toe. Met de rechterhand houdt je de motor bedienbaar.

Daarna parkeer je de motor achteruit in een denkbeeldig parkeervak en zet je de motor op de standaard. Vervolgens haal je de motor weer van de standaard en loop je naar rechts het parkeervak uit.

  • de motor moet zijn afgezet
  • aan de linkerzijde van de motor lopen
  • vooruit lopen met twee handen aan het stuur
  • de voorrem bedienbaar houden en eventueel gedoseerd gebruiken
  • achteruit lopen met tenminste 1 hand aan het stuur
  • vanaf de rechterzijde van de rijbaan lopende de motor tot voorbij een (denkbeeldig) parkeervak verplaatsen
  • daarna door middel van een bocht achteruit lopend de motor in het parkeervak parkeren
  • dan op de standaard plaatsen en er vervolgens weer vanaf halen
  • vooruit naar rechts afbuigend met de motor het parkeervak uitlopen
  • langs de rechterzijde van de rijbaan verder lopen

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/Lopend_achteruit_parkeren.jpg


Verrichtingen bij lage snelheid

Langzame slalom
Er geldt geen richtlijn voor de snelheid. Gezien de geringe tussenafstand ligt een stapvoets tempo voor de hand. Het gebruik van een slippende koppeling is bij deze oefening verplicht. Van belang is verder de combinatie van juiste bediening, langzaam rijden en het behouden van de balans. Dit alles doe je natuurlijk zonder de pylonen aan te raken!

  • de snelheid wordt geregeld met gas, voetrem en koppeling
  • de kandidaat moet in rechte lijn voor de eerste pylon beginnen (eventueel vanuit stilstand)
  • vervolgens rijdt de kandidaat de slalom door middel van bochten, zonder te stoppen
  • na de laatste pylon rechtdoor wegrijden

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/Langzame_slalom.jpg

Wegrijden uit parkeervak
Bij deze keuzeoefening rijd je vanuit stilstand uit een parkeervak weg. Je maakt een haakse bocht en rijdt enkele meters rechtuit. De rijbaanbreedte is drie meter. Het belangrijkste van deze oefening is dat je gecontroleerd een scherpe bocht weet te maken, direct na het wegrijden.

  • de kandidaat plaatst de motor haaks op de denkbeeldige rijbaan met het voorwiel tegen de rijbaan aan
  • de kandidaat mag zelf kiezen welke voet hij aan de grond zet
  • dan wegrijden in een gecontroleerde haakse bocht naar links of rechts binnen de rijbaanbreedte (3 meter)
  • vervolgens enkele meters rechtuit rijden

Tekening:http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/Wegrijden%20uit%20parkeer%20vak.jpg

Denkbeeldige acht
Met deze oefening laat je zien dat je een complete (denkbeeldige) acht kunt rijden in een rechthoekig kader. Je rijdt met trekkende motor en houdt daarbij een gelijkmatige snelheid aan. Je mag je voetrem gebruiken en eventueel een slippende koppeling.

  • aan de korte kant de oefening inrijden
  • dan naar het eind doorrijden
  • begin met een bocht naar links
  • daarna de acht completeren
  • houd een gelijkmatige snelheid aan
  • de motor moet goed afgeschuind worden

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/denkbeeldige%208.jpg

Stapvoets rechtdoor rijden
Hier is het de bedoeling dat je naast de lopende examinator blijft rijden over een afstand van twintig meter. Er wordt gelet op snelheid, balans en een juiste bediening van de motor. Je maakt gebruik van een slippende koppeling. Je voetrem mag je bij deze keuzeoefening ook gebruiken, maar je houdt je voeten tijdens het rijden op de voetsteunen.

  • recht komen aanrijden op het poortje
  • met een constante snelheid in een rechte lijn naast de examinator rijden tot kort voor het richtpunt (de kegel)

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/Stapvoetsrijden.jpg

Halve draai (links- of rechtsom)
Als de examinator voor deze oefening kiest dan rijd je met licht trekkende motor op een denkbeeldige rijbaan. Na de tweede pylon maak je in één vloeiende beweging een halve draai naar links of rechts. Je rijdt dan terug naar het startpunt.

  • de gehele oefening wordt uitgevoerd met een trekkende motor
  • de rijbaanbreedte is zes meter
  • de kandidaat komt rijdend aan bij de uiterst linker of rechterzijde van de rijbaan
  • de aanloop moet tenminste tien meter bedragen
  • dan de halve draai op een van tevoren bepaald punt inzetten
  • de halve draai in een vloeiende beweging uitvoeren
  • daarbij de juiste wijze van afschuinen benutten om de bochtstraal te verkleinen

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/Halve_draai_linksom.jpg


Verrichtingen bij hogere snelheid

Uitwijkoefening
Bij de uitwijkoefening kom je met vijftig kilometer per uur aanrijden door de poort. Vijftien meter na de poort moet je vóór een denkbeeldig muurtje van pylonen naar links uitwijken. Daarna keer je weer terug naar de eigen weghelft.

  • met een snelheid van 50km/uur komen aanrijden op een poortje waarvan de kegels 1 meter uit elkaar staan
  • vervolgens zonder te remmen binnen vijftien meter afstand twee meter naar links uitwijken
  • daarna weer terug naar de denkbeeldige eigen weghelft binnen achttien meter

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/Uitwijkoefening.jpg

Snelle slalom
Bij de snelle slalom zijn zes pylonen opgesteld. Deze slalom neem je bij een snelheid van minstens dertig kilometer per uur met trekkende motor.

Belangrijk is dat het vloeiend en gelijkmatig gebeurt.

  • met een gelijkmatige snelheid van minimaal 30km/uur in een rechte lijn op de eerste pylon af rijden
  • dan met bochten de slalom rijden
  • na de laatste pylon rechtdoor wegrijden

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/Snelle%20slalom.jpg

Vertragingsoefening
Bij deze optionele oefening trek je vanuit stilstand op om snel te komen tot een snelheid van vijftig kilometer per uur. Je rijdt dan in tenminste de derde versnelling. Na het tweede poortje rem je af tot 30 kilometer per uur en schakel je minimaal één versnelling terug. Daarna rijd je met deze snelheid een slalom om drie pylonen die acht meter uit elkaar staan.

  • de kandidaat trekt vanuit een stilstand op om snel tot een snelheid van vijftig kilometer per uur te komen
  • de kandidaat rijdt dan in tenminste de derde versnelling
  • dan na het tweede poortje afremmen tot dertig kilometer per uur
  • dan schakelt de kandidaat minimaal één versnelling terug
  • daarna rijd de kandidaat met deze snelheid een slalom om drie pylonen die acht meter uit elkaar staan

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/vertragingsoefening.jpg


Rem oefeningen

Noodstop
Je rijdt minimaal vijftig kilometer per uur. Na het poortje rem je maximaal om zo snel mogelijk tot stilstand te komen. Natuurlijk verlies je de controle over de motor niet.

  • met constante snelheid van 50km/uur in een rechte lijn aanrijden op het poortje
  • bij het poortje gas dichtdraaien, remming inzetten en direct ontkoppelen
  • het gebruik van de voorrem is essentieel

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/noodstop.jpg

Precisiestop
Bij de precisiestop gaat het erom dat je op een bepaald punt stilstaat. Je rijdt eerst vijftig kilometer per uur en remt beheerst als je het eerste poortje van twee pylonen passeert. Daarna moet je de motor zeventien meter verderop tot stilstand brengen.

  • de kandidaat komt met een constante snelheid van 50km/uur
  • het vertragen begint bij een poortje van twee pylonen
  • dan het gas dichtdraaien en direct met beide remmen de remming inzetten
  • gelijkmatig remmen zondat dat grote correcties in remkracht nodig zijn
  • tot stilstand komen bij het tweede poortje, dat zeventien meter verder staat

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/precisiestop.jpg

Stopproef
Naast de precisiestop kan de examinator ook nog kiezen voor de stopproef als tweede keuzeoefening. Het doel van deze oefening is dat je technisch goed remt. Je schakelt kort voordat je stilstaat terug naar de eerste versnelling. Je hebt een korte remweg.

  • de kandidaat rijdt recht aan op een poortje met een constante snelheid van 50km/uur
  • bij het poortje aangekomen het gas dichtdraaien, direct remmen met beide remmen en ontkoppelen
  • de kandidaat komt met een forse technische goede remming tot stilstand
  • kort voor de stilstand terugschakelen naar de eerste versnelling

Tekening: http://rijbewijs.cbr.nl/imgcontent/stopproef.jpg